Eline Delrue schrijft

Portretten en levensverhalen

‘Dromen zijn ook een werkelijkheid’

leave a comment »


Psychiater Marc Hebbrecht beschrijft hoe verslaafden en geesteszieken dromen

Een goeie eeuw na De droomduiding is Freud weer springlevend. Psychiater-psychoanalyticus Marc Hebbrecht schreef met De droom het meest omvangrijke naslagwerk in ons taalgebied over wat zich ’s nachts voor onze ogen afspeelt. ‘Wat mijn patiënten dromen, toont mij hoeveel werk er nog aan de winkel is.’

Door Eline Delrue

De sofa heeft geen geheimen meer voor Marc Hebbrecht. Meermaals vlijde hij er zich ook in neer toen hij tijdens zijn opleiding tot psychoanalyticus een obligate zelfanalyse onderging. De arts, verbonden aan het Psychiatrisch Ziekenhuis Asster in Sint-Truiden en het Universitair Centrum van de KU Leuven, werkt ook in zijn praktijk nog volgens de klassieke methode. Met de sofa, dus. “Dat heeft het voordeel dat de patiënt vrij kan spreken”, vertelt Hebbrecht. “Ik zit in de zetel ernaast, zodat de patiënt mij niet ziet. Dan krijgt hij als vanzelf meer toegang tot zijn fantasie.”

Is Hebbrechts boek De droom een synthese van de gangbare opvattingen over de droom, doorspekt met cases uit zijn eigen praktijk, dan was Freuds De droomduiding vooral het resultaat van een grondige zelfanalyse na het ingrijpende overlijden van zijn vader. Met zijn publicatie in 1900 luidde de kettingrokende zenuwarts een nieuw epoch in. Tot op vandaag wordt hij gezien als een van de meest invloedrijke denkers uit de twintigste eeuw, al blijven zijn theorieën omstreden. “Ik denk dat Freud voor 70 procent juist zat”, stelt Hebbrecht. “Op een bepaald moment heeft hij er te sterk op gehamerd dat elke droom een onbewuste wens zou uitdrukken. Maar goed, Freud was ook een kind van zijn tijd.”

Als een patiënt een droom vertelt, detecteert u zaken die u anders misschien nooit opgemerkt zou hebben. De droom is vaak een foto van hoe onze innerlijke wereld eraan toe is, stelt u.
Hebbrecht: “Daarom is het spijtig dat veel mensen in de externe wereld leven. Gebeurt er iets, dan zoeken ze al snel een verklaring in de buitenwereld. Bijvoorbeeld: ik voel me niet goed en dat heeft te maken met wat er op mijn werk gebeurt. Nu hebben we ook nog de virtuele wereld: computers, games. Het is kenmerkend voor onze tijdgeest dat velen het contact met hun innerlijke wereld verliezen. Terwijl er ook in jezelf een burgeroorlog kan woeden die een bron van lijden is.
“Zo kan iemand na een depressie opgewekter lijken. Als psychiater denk je dat die patiënt aan de beterhand is, tot hij een droom vertelt. Neem nu iemand die droomt dat hij overleden is: hij ziet zichzelf opgebaard liggen, omringd door familie en vrienden, en ervaart dat als een heerlijk gevoel, een sublieme rust. Dat is voor mij het signaal dat er nog altijd een verhoogd risico op zelfdoding is en dat ik de therapie moet voortzetten en aanpassen.”

Sommige mensen dromen heel levendig, anderen beweren dan weer dat ze nooit dromen.
“Iedereen droomt. Dat weten we door onderzoek in het slaaplaboratorium. Gezonde mensen met een normaal slaappatroon dromen vooral tijdens de REM-slaap. Die dromen zijn goed uitgewerkt, bevatten veel symboliek, zijn kleurrijk en er zit beweging in. Maar de droom blijft een vluchtige realiteit. Het is een soort wolk die binnendrijft, van vorm verandert en dan weer verdwijnt. Het is een werkelijkheid die je moeilijk kunt vasthouden. Als mensen in het slaaplabo gewekt worden, vertellen ze soms een droom waarvan ze zich de volgende ochtend al niks meer herinneren. ‘Heb ik dat gedroomd?’, kijken ze dan verwonderd.
“Er is ook een groot verschil tussen de beleefde droom, de herinnerde droom, de vertelde droom aan de ontbijttafel en de gerapporteerde droom aan de therapeut. We dromen eigenlijk in flarden, maar bij het herinneren brengen we daar een ordening in aan. Je knoopt die fragmenten aan elkaar in een verhaal. Daarom – en daar volg ik Freud in – mag je je niet laten verblinden door de eigenlijke droom. Er zit meer achter.”

Wat met dagdromen? Is dat een onschuldige vlucht uit de realiteit?
“Niet altijd. Dagdromen kunnen constructief zijn en een aanzet geven tot creativiteit, zoals bij schrijvers, dichters, filmmakers of schilders. Denk maar aan de surrealisten, die hun dromen verbeeldden. Maar je hebt ook destructieve dagdromen. In dat geval zonderen mensen zich af en vluchten ze in erotische of grootheidsfantasieën om problemen uit de weg te gaan. Een schuchtere vrouw zal dan bijvoorbeeld fantaseren dat ze een romance beleeft met een filmster, terwijl ze in werkelijkheid geen sociaal contact durft te leggen.”

De ervaring leert u dat patiënten met een depressie vaker in zwart-wit dromen. Wat is nog kenmerkend voor hun dromen?
“Hun dromen zijn meestal vlak, saai, weinig fantasierijk. Het draait vooral om thema’s als mislukking, verlatenheid, hulpeloos zijn, onaantrekkelijk zijn. Mensen met een depressie hebben dikwijls nare dromen aan het begin van de nacht. Onderzoek toont ook aan dat depressieve patiënten die vaak nachtmerries hebben meer risico lopen op zelfmoord.”

De dromen van psychotische patiënten zijn dan weer pure horror.
“Personen die op de rand van een psychose staan, krijgen soms zeer angstaanjagende nachtmerries. Dat toont dat er een psychische beschadiging plaatsgrijpt. Bij sommige dromen van psychotici schrik je ook als therapeut. Er zit verbrokkeling en chaos in, vaak gaat het over sadistische en bloederige toestanden. Zo droomde een patiënt ooit dat een zwerm bijen zijn mond binnendrong en begon te steken. Dat zijn gruwelijke nachtmerries van indringing. Aan die dromen kun je geen betekenis vastknopen, ze drukken eerder een psychisch ziekteproces uit.
“Bij deze patiënten loopt de droom ook vaak over in de waan. Hun waarnemingen worden zodanig overspoeld door hun nachtmerries dat ze het onderscheid tussen droom en werkelijkheid niet meer kunnen maken.”

Verslaafden die afkicken van drugs of alcohol dromen dikwijls dat ze weer gebruiken. Een voordeel, volgens u, want dat verkleint het risico dat ze hervallen.
“Zulke dromen zijn een sterk argument vóór de wensvervullingstheorie van Freud: heb je een tekort aan iets, dan droom je ervan. Denk maar aan uitgehongerde slachtoffers in concentratiekampen: zij droomden van rijkelijke banketten en slagroomtaarten. Het valt vaak voor dat alcoholisten die aan het ontwennen zijn, dromen dat ze op een terrasje zitten met een goed glas wijn. Bij het ontwaken voelen ze zich vaak schuldig. Maar ik ben altijd blij als ze in hun dromen drinken, zolang ze in het echt maar nuchter blijven. (lacht) Iemand die gebruiksdromen heeft, hou ik wel liever nog in therapie. Want het duidt toch op een sterke hunker. Die dromen kunnen me tonen hoeveel werk er nog aan de winkel is.”

Niet alleen de dromen die patiënten aandienen, brengen u tot inzichten. Ook uw eigen dromen over patiënten kunnen betekenisvol zijn.
“Ik heb ooit gedroomd dat een patiënt van mij in de wachtzaal zat op de dienst neurochirurgie. Die droom was een signaal: ik moet die man doorverwijzen naar een neuroloog. Bij die patiënt is toen een hersentumor vastgesteld. Blijkbaar had ik iets waargenomen dat pas in mijn droom is gewekt.”

Welke boodschap wilt u met uw boek meegeven aan collega-psychiaters?
“In de psychiatrie hecht men vandaag maar weinig belang aan de droom. Dat is een verlies. De droom is ook een werkelijkheid. We leven in een tijd waarin alles op logisch denken moet berusten. Terwijl we allemaal weten dat de grote ontdekkingen meestal tot stand zijn gekomen dankzij toeval en intuïtie. Willen we nieuwe ontdekkingen doen, dan moeten we oog hebben voor het verrassende, het mysterieuze, het niet-logische, zoals de droom. Die irrationele werkelijkheid moeten we au sérieux nemen.”

Bent u nu de nieuwe Freud?
(glimlacht) Ik ben absoluut geen groot man. En, let wel, ik ben geen wetenschapper, maar een clinicus in hart en nieren. Ik vind de droom wel een ontzettend fascinerend gebied. Als je in contact staat met je droomwereld, kan dat je leven veel boeiender maken.”

De droom – Verkenning van een grensgebied, Marc Hebbrecht, 208 blz., 25 euro, uitgeverij De Tijdstroom.

Uit: De Morgen, 3 juni 2011

Advertenties

Written by Eline Delrue

4 juni 2011 bij 12:51 pm

Geplaatst in Interview

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: